199 spoedpatiënten bij Ziekenhuis aan de Stroom tijdens oudejaarsnacht
6 slachtoffers van vuurwerk

De spoeddiensten van het Antwerpse Ziekenhuis aan de Stroom verzorgden de voorbije oudejaarsnacht (22-8 uur) 199 patiënten. Dat is 20 procent meer dan vorige oudejaarsnacht.
De meeste spoedcontacten waren voor rekening van ZAS Cadix in de binnenstad. Bij veel spoedpatiënten was er alcohol in het spel. Zes patiënten werden binnengebracht met brandwonden door vuurwerk. Om deze mensen de nodige zorg te kunnen verlenen bovenop de zorg voor de overige patiënten, waren op de spoeddiensten van ZAS extra artsen en spoedverpleegkundigen aan het werk.
80% meer patiënten dan gemiddelde zaterdagnacht in december
Twee op de drie patiënten (133 van de 199) kregen verzorging tussen middernacht en zes uur. Het gaat om medische problemen die te maken hebben met oudejaarsnacht, bovenop de problemen van elke dag.
Dr. Kurt Anseeuw, medisch diensthoofd spoed Ziekenhuis aan de Stroom:
“Oudejaarsnacht is een van de drukste nachten van het jaar. Bovenop de patiënten van een doorsnee nacht op spoed is er een feestnacht waarin een massa volk naar het stadscentrum komt. Heel wat mensen kijken dan te diep in het glas, en er zijn ook letsels door vuurwerk en ongevallen tijdens verplaatsingen. Om voorbereid te zijn op die extra patiënten, hebben we onze spoeddiensten in de binnenstad versterkt. In totaal waren een vijftigtal zorgverleners aan het werk op de spoeddiensten van ZAS.”
6 slachtoffers door vuurwerk
De spoeddiensten van ZAS kregen ook zes slachtoffers van vuurwerk over de vloer. In de meeste gevallen ging het om minderjarigen. De patiënten hadden letsels aan de handen, het aangezicht en soms de ogen.
Mogelijk loopt dat aantal nog op doordat mensen pas vandaag langskomen met hun letsels of niet-ontploft vuurwerk opnieuw proberen af te steken. Vorig jaar verzorgde ZAS op nieuwjaarsdag acht slachtoffers van vuurwerk.
Spoedpatiënten per ZAS-campus
Van 22 uur tot 8 uur kwamen er 199 patiënten naar de spoeddiensten van Ziekenhuis aan de Stroom. ZAS Cadix kreeg de meeste patiënten over de vloer. Op een gemiddelde zaterdagnacht in december telt ZAS 112 spoedpatiënten. Met oudejaarsnacht zijn dat er gemiddeld 159.
- ZAS Cadix: 88 spoedpatiënten
- ZAS Vincentius: 36 spoedpatiënten
- ZAS Middelheim: 29 spoedpatiënten
- ZAS Palfijn: 24 spoedpatiënten
- ZAS Augustinus: 22 spoedpatiënten
Het aantal patiënten zegt niets over de ernst van de verwondingen en de benodigde tijd voor de zorg.
MUG’s en PIT’s ZAS permanent op de baan
De MUG’s (*) en PIT’s (**) van ZAS Cadix en ZAS Vincentius waren met 33 ritten vrijwel permanent op de baan. Om ervoor te zorgen dat er zowel in het ziekenhuis als op de baan voldoende zorgverleners aan de slag waren, zette ZAS extra mensen in. Wanneer bijvoorbeeld een MUG uitrukt, is dat met een spoedarts en spoedverpleegkundige aan boord. Een PIT rukt uit met een spoedverpleegkundige. Daardoor zijn er minder zorgverleners beschikbaar op de dienst Spoedgevallen.
(*) Een MUG is als het ware een mobiele dienst Spoedgevallen. Het MUG-team verleent dringende geneeskundige hulp aan patiënten met ernstige en levensbedreigende problemen. Een MUG-team bestaat uit een spoedarts en een verpleegkundige met bijzondere beroepstitel in de intensieve zorgen en spoedgevallenzorg, en werkt in bijstand van een ziekenwagen. De MUG-wagen is uitgerust met een heel wat medicatie en medisch materiaal, zoals een defibrillator, beademingstoestel, toestel voor hartmassage, toestel voor beeldvorming en materiaal voor specifieke interventies zoals brandwonden en letsels bij rampen.
(**) Een PIT (Paramedisch Interventie Team) heeft meer mogelijkheden en uitrusting dan een ambulance, en kan een deel van de oproepen beantwoorden waarvoor nog vaak een MUG wordt uitgestuurd. De noodcentrale (112) stuurt een PIT als iemand er ernstig, maar niet levensbedreigend aan toe is. Het gaat bijvoorbeeld om patiënten met suikerziekte en een te lage suikerspiegel, iemand met pijn op de borst, iemand die kort van adem is of niet meer bewust is. Ook het transport van een patiënt van het ene naar een ander ziekenhuis gebeurt in principe met een PIT.
Tom Van de Vreken